Samenwerking

17-05-2021

Blog over Gastouderschap

Lees je mee in onze maandelijkse blog? Deze maand een interview met moeder Rianne en gastouder Inge

Het beeld dat een gastouder alleen oppast en de kinderen geen extra uitdaging biedt? Dat is een verkeerd beeld, weet moeder Rianne nu. Haar zoon Max (3) was op het kinderdagverblijf namelijk helemaal niet op zijn plek. Bij de gastouder ging hij echter met sprongen vooruit! We gaan in gesprek met Rianne en gastouder Inge, bij wie Max wekelijks twee dagen is.

 Rianne: ‘Max ging vanaf dat hij baby was naar het kinderdagverblijf waar ik zelf ook werkte. Maar het heeft hem nooit echt gelegen. Sterker nog, hij vond het vreselijk. Ik ben echt niet moeilijk met mijn kind en wist dat hij in goede handen was bij mijn collega’s. Maar toch ging het niet goed. Op advies van de kinderarts van het consultatiebureau ging hij daarna naar de peuteropvang, maar dat ging eigenlijk nog slechter. Er werd door de kinderarts ook geconstateerd dat zijn taalontwikkeling eigenlijk niet op gang kwam. We waren continu aan het monitoren of het nodig was om naar een logopedist te gaan.

 Omdat Max het echt niet naar zijn zin had, ging ik toch verder kijken. Op Facebook kwam ik toevallig een gedeeld berichtje tegen van Inge. Eigenlijk was ik op zoek naar iets agrarisch, maar het sprak me zo aan hoe zij zich voorstelde. Voor ons eerste gesprek dacht ik wel ‘eerst maar eens zien’. Maar we waren aan de telefoon gelijk een uur in gesprek. Ze kon goed toelichten dat zij de lat hoger legt dan ik dacht. Ze is de kinderen constant aan het stimuleren. Daarom koos ik ervoor Max toch naar een gastouder te brengen, ook al raadde de kinderarts dit af.’

 Inge: ‘Als gastouder gebruik ik mijn creativiteit de hele dag door. Ik ben niet alleen creatief met het knutselen en de spelletjes, maar ook met creatieve denkwijzen. Tijdens het knutselen kan je de kinderen bijvoorbeeld extra stimuleren. Max houdt van dieren, dus maken we een varken. Welke kleur is het varken? Welk geluid maakt het? Helemaal leuk als je dan hoort als ze thuis trots hun werkje gaan showen.

 Ook met de lunch benoem ik alles ‘Ooh, op jouw bord ligt een lekkere bruine boterham met pasta. En je hebt een mooie rode beker!’ De hele dag door maak ik er een sport van om spelenderwijs dingen te leren aan de kinderen. Daarbij zorg ik dat elk kind op zijn of haar eigen niveau wordt uitgedaagd, want de kinderen hebben natuurlijk verschillende leeftijden.’

Rianne, wat voor beeld had je van gastouders?

Rianne: ‘Vanuit de kinderopvang had ik het beeld dat gastouders alleen oppassen en de kinderen niet extra uitdagen. En ook vanuit het consultatiebureau raadden ze af om Max naar een gastouder te brengen. Inge heeft wel laten zien hoe een gastouder kinderen heel goed kan stimuleren.

Het komt nog steeds wel voor dat hij even een traan laat vallen bij het afscheid, maar dat is ook zo weer over. Inge laat hem gewoon zichzelf zijn, waardoor hij enorm is los gekomen. Dat heeft tijd gekost, omdat hij eerder niet op zijn plek zat. Ook thuis merk ik dat hij erg vooruit is gegaan.’

 Inge: ‘In mijn omgeving merk ik dat het beeld van gastouders steeds positiever wordt. Bij een gastouderbureau kan je aangeven wat je wilt. Zo kunnen zij het persoonlijker maken, waardoor de opvang goed aansluit bij de wensen van de ouders. Wel of niet veel knutselen, buiten spelen, voorlezen, enzovoorts. Elke gastouder doet het op zijn eigen manier. Ik ben heel erg een gevoelsmens, ik doe dingen op mijn gevoel. Ook vind ik het fijn dat iemand gewoon zegt waar het op staat. Hierdoor heb ik een heel fijne communicatie met alle ouders.’

 Rianne: ‘Het begint inderdaad al bij het begin: samen met DOL FIJN bespreek je de zorgvraag en wat je nodig hebt. Dat wist ik vooraf niet. Deze kennismaking is veel uitgebreider dan bij een kinderdagverblijf, daar kies je voor dat specifieke kinderdagverblijf en is het afwachten wie er op de groep staan. Terwijl je hierbij ingaat op je eigen situatie en wensen en het gaat over de kwaliteiten van de gastouder. Je bent eigenlijk aan het daten met een gastouder. De persoonlijke benadering vanuit DOL FIJN heeft me echt verrast. Onze bemiddelingsmedewerker Tineke belt me zelfs nog weleens op om te vragen hoe het nu met Max gaat.’ 

Hoe gaat het met Max sinds hij bij Inge komt?

Rianne: ‘Max gaat met sprongen vooruit. Ik heb elke 3 maanden contact met de kinderarts van het consultatiebureau en in het laatste gesprek kwamen we tot de conclusie dat hij praat op het niveau wat past bij een kind van 3. Hij is nog nooit van zijn leven zo snel gegaan in zijn ontwikkeling en dat komt ook echt door Inge. Voor Max is de kleine groep fijn en het hebben van een bekend gezicht. Hij weet waar hij aan toe is. Inge is ook heel duidelijk en nee is nee. Dat heeft hij ook wel nodig, haha.’

Inge: ‘Max kan inderdaad eigenwijs zijn, maar ik weet inmiddels precies hoe ik daarmee om moet gaan. Het was al een heerlijk ventje en nu hij uit zijn schulp is gekomen vind ik hem nog leuker!’

Had je een speciaal plan van aanpak met Max?

Inge: ‘Ik ben heel erg van het gevoel. Wat zie ik, wat doet het kind? Max is even oud als mijn dochter, waardoor ik makkelijk kan vergelijken. Als hij iets niet doet, vraag ik me af of hij dat niet kan of niet wil. Ik praat erover met de moeder, denk erover na en zoek dingen op Internet op. Je kan denken: hij is stil en we laten het zo. Maar mijn gevoel zei: je vindt het interessant en je wilt wel. En dan ga ik ermee aan de slag. En als ik nu zie hoe hij is losgekomen, dat is gewoon super. Met elk kind moet je op een andere manier omgaan, het is de uitdaging om de juiste manier te vinden.’

Is een gastouder de beste optie voor alle kinderen?

Rianne: Ik denk niet dat alle kinderen naar een gastouder zouden moeten, maar ik denk dat er onbewust wel veel kinderen zouden passen bij een gastouder. Kinderen zoals Max die zichzelf wegcijferen in een grote omgeving, passen perfect bij een gastouder. Een gastouder als Inge kan de zorgvraag met gemak beantwoorden en daarnaar handelen. Op een kinderdagverblijf zijn alle handvaten aanwezig om continu te stimuleren en pedagogisch te werk te gaan en een gastouder is thuis. Daardoor had ik vooraf mijn twijfels. Maar toch is een gastouder ook heel goed in staat om een kind te stimuleren. Dit heb ik ook gezegd tegen de kinderarts van CB, want die was ook niet heel happig op een gastouder voor Max.

Ik ben er heel positief over en vertel dat ook aan de mensen om me heen. Ik heb nooit gezegd ‘een gastouder dat moet je niet doen’, maar er is wel een wereld voor me open gegaan. Ik vond het heel lastig om in te zien, omdat ik zelf uit de kinderopvangbranche kom, maar dit is wel echt het beste voor Max. Er wordt bij Inge het beste in hem naar boven gehaald.’